201702-Mei

 Mei 2017 – Jaargang 1 – Nummer 2

Wordt Angela Jansen de nieuwe Maestro?

Na Beuningen Got Talent heeft Beuningen wederom een landelijk muzikale productie binnen de gemeentegrenzen. Koninklijke Fanfare ULTO organiseert op zaterdag 20 mei het van de televisie bekende programma Maestro. Zes dirigenten uit Ewijk en Winssen strijden voor de meestertitel van Maestro U.L.T.O. 2017.

Een van de kandidaten is Angela Jansen uit Ewijk. Zij werd als eerste op de Facebookpagina van ULTO aangekondigd. ‘De eerste kandidaat die wij aan u voorstellen is Angela, al acht jaar lid van de Ouderraad van de Reuzepas te Ewijk en is zelfstandig ondernemer in Ewijk met kapsalon My Trendz. Met haar man heeft ze twee kinderen. Muzikale talenten in het verleden: blokfluit gespeeld en het bespelen van een doedelzak.’ Angela hierover: “Ik heb van mijn veertiende tot mijn zestiende doedelzak gespeeld. Eerst speel je eerst op oefenstokken, de practice-chanter en als je daarna verder wilt, dan moet je een doedelzak kopen en op dat was voor mij een moment om te beslissen of ik er mee doorging of niet en ik besloot dat ik er niet mee verder wilde.” Dan lachend: “Ik heb dat dus niet zo heel lang gedaan maar ik dacht dat ik dat wel moest vermelden bij mijn achtergrond want alleen met mijn blokfluit maak ik geen indruk en kom ik niet zo ver.”

Hoe kom je ertoe om je hiervoor op te geven?
“ULTO was op zoek naar drie kandidaten uit Ewijk en drie uit Winssen. Ze hebben mij gevraagd om het ‘op te nemen’ tegen Jacqueline van Benthem uit Winssen. Dat leek mij wel leuk en ik kan niet anders zeggen dat we ontzettend veel schik hebben. Er zijn nog twee andere kandidaten uit Ewijk die die elk weer met twee andere stukken het opnemen tegen twee uit Winssen. We dirigeren allemaal twee typen muziekstukken, een mars en iets uit een Spaanse genre, maar ‘tegen elkaar’ dirigeren we dezelfde stukken. Voor de pauze het ene stuk en na de pauze het andere. Het zijn zes verschillende stukkenEen vakjury en een publieksjury kiezen uit alle stukken een winnaar.”

Hoe heb je je voorbereid?
We hebben allemaal een usb-stick gekregen met de stukken erop zoals de fanfare het speelt. Ik luister het iedere keer als ik in de auto zit en ik oefen ook voor de spiegel om te zien hoe het overkomt. Ook zijn we drie keer bij elkaar gekomen en werd ons verteld hoe het allemaal in zijn werk gaat. Vorige week hebben we voor het eerst voor het orkest gestaan om te oefenen. We kregen allemaal twintig minuten en we werden geholpen met hoe een ander gaat. Want het is als dirigent heel ander dan wat wij normaal gewend zijn. Als het orkest begint dan weet jij ook wanneer je moet beginnen maar dat is niet de bedoeling als dirigent. Dan ben jij diegene die bepaalt wanneer het begint. Dat was even lastig maar wel erg leuk. Hiervoor hadden we geen van allen een dirigent verleden. We zijn allemaal nieuw er in. In het begin heb ik me echt wel afgevraagd waar ik aan begonnen ben maar nu we voor het orkest gestaan hebben is het echt allemaal heel erg leuk.”

“Als ze de ogen dicht doen,
dan spelen ze het stuk ook”

“De zestiende hebben we de generale en de twintigste moet het gebeuren. Je moet het stuk gewoon goed kennen zodat je weet wanneer ze harder moeten spelen of wanneer iedereen blaast, want dat vind ik lastig. Ik hoor niet altijd wanneer een trompet of een saxofoon begint.” Een muziekstuk wordt straks dus telkens twee keer uitgevoerd en hoe jullie het dirigeren bepaalt hoe het uiteindelijk klinkt. “Ja, het orkest heeft nadrukkelijk de instructie gekregen om echt te proberen te spelen zoals wij het aangeven. Dat is natuurlijk voor hun ook lastig want ze kennen het van binnen en van buiten. Want kijk, als zij de ogen dicht doen en ze kijken niet naar de dirigent, dan spelen ze het stuk ook. Maar, het is wel de bedoeling dat als ik met mijn hand omhoog ga, dat zij dan harder gaan blazen. Het is echt grappig want dan ben ik aan het oefenen en dan denk ik dat ik heel goed in de maat zit maar dan hoor ik ze steeds slomer gaan spelen. Ja, dan denk je toch ‘hm, dat is niet goed’, dat moet ik toch eventjes wat opvoeren. Als je elkaar zo bezig ziet dan is het echt lachen. We hebben er ontzettend veel schik mee.”

Men wordt dus uitgenodigd om te komen genieten én te lachen?
Angela: “Ja, doe maar! Nodig ze vooral uit want het is leuk én voor het goede doel. De opbrengsten zijn om de kas van de fanfare aan te vullen!”

Activiteit: Maestro ULTO 2017
Datum: Zaterdag 20 mei 2017
Tijd: Zaal open vanaf 19:30 uur
Locatie: ULTO Muziek Centrum
Adres: Not. Stephanus Roesstraat 3 , Winssen
Kaartjes: € 3,00
Verkoopadressenzie: ulto.nl of Facebook @KonFanfareUlto

1/8


De Caribbean, de beste plek om te stranden

Door The Travel Club Beuningen
Bestemmingen vol zon, prachtige kleuren, uitgestrekte stranden en heerlijk eten. Kies voor een plek waar de zon elke dag aanwezig is, de Caribbean.

Dit keer neem ik u mee op reis naar de mooiste eilanden, bijzondere bestemmingen en de meest verrukkelijke hotels. Geniet u van een verrassende reis naar Suriname, laat uw dromen werkelijkheid worden op de Dominicaanse Republiek, geniet van een heerlijk privéstrand op Bonaire. Drink cocktails op het strand van Curaçao en ontdek Jamaica vanuit het gezellige Ochio Rios. Geniet van reggae, salsa en calypso en dans tot in de late uurtjes. Geniet van al het goeds dat de Caribbean te bieden hebben.

Lees in de reisbrief meer over de genoemde tropische bestemmingen en de aanbiedingen die op u wachten!

The Travel Club Beuningen,
Uw persoonlijke reisadviseur

Angeline van Suntenmaartensdijk-Leenders

2/8


Bloesemfestival Bloei!

Zondag 14 mei, op Moederdag presenteert Gasterij [De Arend] Catering uit Winssen, het nieuwe concept van hun jaarlijkse proeverij: Bloesemfestival Bloei! Een dag vol sfeer, smaken, muziek en gezelligheid voor alle leeftijden en op een prachtige locatie!

Het bloesemfestival Bloei! vindt plaats in de boomgaard tegenover de Arend. Vrijwilligers van “Dorpsboomgaard ‘Het Groene Hart’ Winssen” hebben de boomgaard in het afgelopen anderhalf jaar grondig aangepakt. De bomen zijn gesnoeid en daar waar nodig zijn nieuwe exemplaren geplant. “Het resultaat mag er zijn”, vertelt Hubert Tromp van Gasterij [De Arend] Catering in Winssen. “Samen met de vrijwilligers is het idee geboren om meer met deze prachtige plek te gaan doen.”

“Om het laagdrempelig te houden, en wat heel goed bij de boomgaard past, is het idee ontstaan om een picknick met muziek te organiseren. Het wordt in festivalsfeer opgezet waarbij men in een ontspannen setting kan genieten van muziek en lekkere versnaperingen want behalve de mogelijkheid om te picknicken, zorgen we ook dat er zoals voorgaande jaren wat te proeven is. Er komen verschillende buitenbarretjes in Vintage-stijl met bier en wijn en er is een BBQ en een pizza-oventje zodat niemand weg hoeft. Je kunt van de picknick naar avondeten over, er is van alles. Het is echt de sfeer van de proeverij die we aanhouden maar dan naar de boomgaard verplaatst.”

“Aan muziek hebben we vanaf één uur de band Blue Bayou, rond de middag worden het wat Jazzy geluiden en rond vier vijf uur hebben we Salsa en Merengue om later naar Soul en weer wat Jazz over te gaan. Het podium heeft een overkapping en afhankelijk van hoe het weer tegen die tijd is, beslissen we nog of er kleine of wat grotere tenten bij moeten.”

Het bloesemfestival begint vanaf 13:00 uur met de picknick. Er komen allemaal lange tafels waar men aan kan gaan zitten en midden in de boomgaard komt een podium met muziek tot ’s avonds 20:00 uur. Het festival is op Moederdag, zondag 14 mei. Leuk om moeder te verassen of juist voor moeders die zelf het initiatief nemen en er op uit willen. De straat wordt afgezet en er wordt een terras opgebouwd waar men een kopje koffie met gebak kan nemen. Men kan ook alleen even de boomgaard in om te kijken hoe het geworden is.

Hubert: “Het is echt een gemoedelijk dagje voor de inwoners van Winssen en alle andere belangstellenden. Men kan zelf picknickspullen meenemen maar men kan ook via internet een mand reserveren. Men kan kiezen uit twee verschillende samenstellingen of een combinatie, een kindermand of een borrelplank. Via een winkelmodule kan men aan het einde van de reservering afrekenen en alles op de dag afhalen. (De mand moet bij afloop ingeleverd worden). Ook is het mogelijk om op de dag zelf nog wat te kopen maar men is dan afhankelijk van wat er nog is.”

Reserveer hier een mand of borrelplank.

Activiteit: Bloesemfestival Bloei!
Locatie: Boomgaard tegenover Gasterij [De Arend] Catering
Datum: Zondag 14 mei 2017 (Moederdag)
Tijd: Vanaf 13:00 uur

201702-bloesemfestival-flyer

3/8

Jesper en Jordi – Twee werelden van muziek

Jesper Hesseling uit Beuningen, denderde in oktober/november 2016 de landelijke publiciteit in met zijn Spotify playlist ‘Monthly Hits’ en Singer-songwriter Jordi Repkes uit Weurt ontmoette niemand minder dan Ed Sheeran. Verassend genoeg kenden Jesper en Jordi elkaar niet maar dat veranderde nadat ze door Beuningen Magazine aan elkaar voorgesteld werden met de vraag of ze met elkaar in gesprek wilden in een dubbel interview. Wij hoefden bijna niets te vragen want er was voldoende gespreksstof tussen de beide mannen.

Jesper bijt de spits af met de vraag aan Jordi hoe hij er aan werkt om bekendheid te krijgen. “Ik heb sinds kort een booker die dat voor me organiseert”, begint Jordi. “Een A&R manager daar ben ik helaas nog niet mee in aanraking gekomen. Ik heb echt wel fouten gemaakt en moet ontdekken hoe ik mezelf moet promoten en ook hoe je een goed nummer herkent.”

Redactie: “En Jesper, jij herkent dus goede nummers…”
Jesper: “Blijkbaar wel. Ik moest er ook zelf achter komen. Eerst dacht ik alleen maar dat mensen het leuk vonden dat ik een lijstje had maar als men heel vaak tegen je zegt dat je vroeg hits ontdekt, en het komt ook inderdaad heel vaak uit, dan ga je op een gegeven moment ook inzien dat dat klopt. Ik was al vanaf mijn vijfde bezig met muziek. Niet met muziek maken maar met luisteren; als ik iets op de radio hoorde nam ik het gelijk op en ging als Deejay inpraten. Uiteindelijk ging ik ook cd’s branden en toen Spotify kwam, kon ik kiezen uit alle nummers! Het is nu uitgegroeid tot iets groots en krijg ik dagelijks tientallen tracks van artiesten toegestuurd met de vraag wat ik ervan vind.”

Jordi aan Jesper: “Wat vind je zelf heel erg gaaf?
“Ik ben heel breed georiënteerd. Ik hou niet echt van hardrock of hardcore maar al het andere vind ik leuk. Dancemuziek, popmuziek en (Nederlands talige) rap vind ik wel gaaf. Mijn hitlijst Monthly-hits met zoals de naam het eigenlijk ook zegt, hits van dit moment, bevat heel veel mainstream hits maar daarnaast heb ik ook ruimte voor beginnende artiesten. Dat is juist bij mij het onderscheidende met andere playlisten. De artiesten zijn blij dat ze een plek kunnen krijgen in mijn playlist. Daardoor kunnen ze meer streams krijgen en meer naamsbekendheid. Veel mensen luisteren mijn playlist en ook slaan veel mensen nummer uit mijn playlist op in hun eigen playlist. Het werkt dus als een sneeuwbaleffect! Wat in de lijst komt gaat niet alleen om mijn persoonlijke smaak. In het begin had ik een privélijstje maar als je op een gegeven moment tienduizend volgers hebt, dan moet je wel een beetje rekening houden met wat de mensen graag luisteren.”

“Ik heb nu ook een andere playlist gemaakt. ‘Lazy-Weekend Breakfast Hits’ met lekkere rustige nummers. “Dat vind ik grappig”, breekt Jordi in. “Als je Ed Sheeran en John Mayer, echte helden voor mij, neemt, dan zie je dat die dat ook zo aanpakken op hun albums. Daar staan songs op die ze zelf helemaal te gek vinden en twee songs waarvan ze zoiets hebben van ‘dat is niet echt mijn ding maar, als ik het uitbreng dan trek ik wel een bepaalde hoeveelheid publiek mee aan.’ Dat is volgens mij wel belangrijk. Ik moet ook wat meer mainstream popliedjes gaan schrijven en daarnaast mijn eigen ding blijf doen.” Jesper: “Dat is heel belangrijk. Je moet net die naamsbekendheid krijgen. Als je een radiogevoelig nummer hebt dan kennen mensen je naam en gaan ze je zoeken. Dan komt de rest wel.” Jordi: “Dotan zat laatst bij de Wereld draait door en vertelde ook dat ze voor twee man stonden te spelen, ze scoorden één hit en vulden daarna twee keer de Ziggodome.”

Jesper: “Ik vind het wel interessant hoe dat gaat zo’n hele weg naar een album toe.” Jordi: “Ik zit nu op een bijzonder moment voor mijn gevoel. Ik maak al zolang muziek en met songwriting ben ik redelijk laat begonnen en het is wel echt een skill. Je moet het veel doen om er vaardig in te worden. Ik merk nu ook dat ik al vrij snel nadat ik met het schrijven begin, al hoor of een liedje niet zo goed is. Je schiet je eigen ideeën veel sneller af dan wanneer je dertien of veertien bent en je net begint muziek maken en ook gelijk gaat schrijven. De afgelopen twee jaar heb ik echt moeite gehad met het schrijven. Ik deed het veel te weinig voor wat ik graag zou willen schrijven. Daardoor ben ook heel erg gaan twijfelen of het wel iets voor mij is.”

“Begin april heb ik Ed Sheeran ontmoet. Ik moest spelen bij de membersclub van Ziggodome. Daar gaan leden voor het concert met hun relaties iets eten maar missen dan het voorprogramma. Daarom hadden ze bij de Ziggodome bedacht om daar een Singer-songwriter neer te zetten. Ik werd naar een soort geïmproviseerde backstage gestuurd waar het personeel zich omkleed. Ik sprak daar met enkele medewerkers die vertelden dat ze daar al jaren werkten en nog nooit een artiest gezien hebben. Het personeel is op een gegeven moment net vijf minuten aan het werk in een hele mooie lange zaal en ik was daar dus om muziek te maken. Ik had toen toch de kriebels, zo van ik ben nu zo dichtbij, wie weet staat hij wel om het hoekje. Maar goed, ik begin te spelen en mijn eigen liedjes te zingen en zie helemaal achterin in de zaal, vijf man binnenkomen. Ik kon helemaal niet zien wie het waren en werd al een beetje verlegen en ging wat naar achteren maar keek op een gegeven moment toch wie het waren. Het bleek Ed Sheeran te zijn die langs me opliep en ik zei op verbaasde toon: hey! Hij kwam meteen op me aflopen en vroeg wat ik aan het spelen was. Ik kon vertellen dat ik liedjes schreef en dat vond hij heel tof. Het was een hele hartelijke leuke ontmoeting. Ik had geen kaartjes kunnen krijgen en vertelde dat. Hij vroeg me of ik geen vriendin had en toen ik nee antwoordde, zei hij: “Fix a girlfriend because I’ll get you two tickets!”

“Dus toen kon ik naar binnen maar door die ontmoeting viel voor mij alles op zijn plek. Ik wist altijd al dat ik muzikant ben en dat ik liedjes wil schrijven en dat ik wil doen wat Ed ook doet. Ik wil mensen gewoon mijn liedjes laten horen, schrijven en platen maken! Maar omdat ik de afgelopen twee jaren met het schrijven geworsteld heb, ben ik me ook gaan afvragen of dit is wat ik moet doen en ondanks dat je het wel weet, dan ben je toch aan het twijfelen. Deze ontmoeting heeft al die twijfels weggenomen; zoveel negatieve energie is ineens weg! In zit er nu zo in dat ik het gewoon ga doen. Ik ga dit jaar heel veel liedjes schrijven om die song-writer-skill verder te ontwikkelen. Ik ben nu twee weken met dat enthousiasme aan de slag en heb al tweeeneenhalve liedjes geschreven. Dat had ik nog niet eens in het afgelopen half jaar geschreven.”

Jesper: “Je hebt er inspiratie door gekregen?”
Jordi: “Ja, inspiratie maar tegelijkertijd denk ik ook aan een documentaire wat ik gezien heb over een kunstenaar die zei dat inspiratie eigenlijk voor amateurs is, ‘wij kunstenaars gaan gewoon aan het werk’, zei hij. En daarmee bedoelt hij meer te zeggen dat er niet zoveel regels zijn met songwriten en dat je gewoon gaat zitten en gaat schrijven. Je gaat niet zitten wachten. Als je elke dag wat schrijft dan activeer je ook je creativiteit en wordt het veel leuker. En dat merk ik echt. Ik begin nu elke dag met schrijven en het gaat soepel en ik zit er gewoon weer in.”

jesper-monthly-hits

Redactie: Wat zijn jouw toekomstplannen Jesper?
“Met mijn fulltime baan voor de klas wordt het nu wel erg druk. Het is soms haast niet te combineren. Ik heb veel leuke uitjes, krijg heel veel concertkaarten aangeboden, heb ontmoetingen met artiesten zoals Ali B, Armin van Buuren, Matt Simons, Boef, dat soort dingen. Dat is allemaal heel gaaf maar wat ik daar verder mee wil? Mijn doel is om heel snel de honderdduizend volgers halen zodat ik nog belangrijker wordt op Spotify als independent playlist curator. Ik weet niet goed wat dit me gaat brengen. Ik laat het op me afkomen. Mijn eerste doel is nu om zoveel mogelijk volgers te krijgen. Ik heb er op dit moment 64.000. Je merkt dat als je in de media komt, de aantallen ineens weer oplopen. Dat merkte ik goed toen ik bij RTL-boulevard in de uitzending was en bij radio 538, 3fm toen kreeg ik er heel vlot 20.000 bij. Ik ben nu ook iedere eerste zaterdag van de maand bij Q-music dan ga ik hits voorspellen en tips geven voor de volgende maand. Binnenkort heb ik een interview met NRC Handelsblad. Op die manier blijf ik in de publiciteit.

Websites: meesterjesper.nljordirepkes.nl
Facebook – @MonthlyHits@meesterjesper@Jordirepkesmusic

4/8

Zwieren en zwaaien

Schaatsen was populair. Beuningen had schaatsclub De IJsvogel. “Mijn broer Hek zat in het bestuur van deze club”, vertelt Tonnie de Krijger. “Ze schaatsten op de uiterwaarden. Er waren wedstrijden in schoonrijden en in hardrijden, waarbij je prijzen kon verdienen. Zelf was ik een middelmatige schaatser, maar ik wilde toch wel graag in de prijzen vallen. Bij de dames was Riekse Jansen met schoonrijden verreweg de beste. Ik probeerde daarom altijd met haar een schoonrijdpaar te vormen. Al in de zomer maakte ik daarom met haar een afspraak om samen te schaatsen. Daarmee was ik de concurrentie altijd een slag voor. We hebben vaak een prijs gewonnen.”

De Duivelswaai was de schaatsclub van Weurt. Die ging in de oorlog ter ziel, maar werd in 1948 heropgericht in café Heesakker. Iedereen boven de 15 jaar kon lid worden en moest dan 1,50 gulden per jaar betalen.

De in Ewijk geboren Mien Lelivelt-Kasser uit Beuningen herinnert zich dat op een plas aan de Vordingstraat in Ewijk werd geschaatst. “Omdat we thuis altijd veel moesten doen, mochten we bijna nooit de deur uit. Als er ijs lag en de meeste kinderen bij de Vordingstraat gingen schaatsen, mochten we alleen na veel gezeur mee.”

Het Gat van Jan Verweij was het domein van de Ewijkse ijsclub Beatrix. Geer Lamers en Mien Adriaansen-van Rossum waren enthousiaste Ewijkse schaatsers. “De liefde voor het schaatsen heb ik van mijn vader”, vertelt Mien. “Hij was in 1950 een van de oprichters van ijsvereniging Beatrix. Samen met zijn zus uit Weurt heeft hij heel wat keren meegedaan met prijsrijden bij het schoonrijden.”

“Ik schaats al vanaf mijn jeugd”, zegt Geer. “Mijn eerste schaatsen waren Friese schaatsen. Toen ik het wat beter kon, kreeg ik schuitjes. Ook dit waren ‘onderbinders’. Mijn volgende schaatsen waren half-hoge laarzen, waar de schaatsen onder geschroefd werden. Echte noren heb ik nooit gehad. Die waren te duur. Er waren maar weinig mensen die zich dat konden veroorloven.”

Mien heeft ook op schuitjes gereden. “Het was lastig om die goed onder te binden, want ze gingen gauw scheef zitten. Later kreeg ik witte schoenen met de schaatsen eraan vast. Als het voor en er ijs lag, was ik heel vaak op het ijs te vinden. Ik vond het heerlijk om te zwieren en te zwaaien.”

Leo en Yvonne de Sonnaville schaatsen hier in 1942 op de kolk in Ewijk. Schaatsen in lange jassen was in die tijd heel gewoon. De klapschaats en het gestroomde schaatspak waren nog verre toekomst. (Foto: Collectie de Sonnaville)
2017-02-Leo-dS-&-Yvonne-op-kolk-Ewijk

Geer deed vooral aan hardrijden. “Met de schoonrijdwedstrijden heb ik maar één keer meegedaan en dat was met Mien. Kortebaan- en langebaanwedstrijden waren meer mijn ding. Vooral het koppelrijden vond ik erg leuk. Dat deed k altijd samen met Grad van Hulst.” Het koppelrijden leek op een estafette. Om beurten reden de schaatsers rondjes. Je mocht zelf bepalen na hoeveel rondjes je met je partner wilde wisselen. Wie van de twee het hardste kon schaatsen, zorgde ervoor dat hij de laatste ronde reed. Dan kon hij met een eindsprint de concurrentie kloppen.

Mien: “We schaatsen zowel buitendijks als binnendijks. De ijsvereniging huurde elk jaar twee stukken land. Buitendijks was dat het Gat van Jan Verweij.” Als in de winter de uiterwaarden ondergelopen waren, kon mensen soms tot Deest schaatsen. Geer: “Wie op de ijsbaan wilde schaatsen, moest toegang betalen. Henk Ceelen van het bestuur stond vaak in de buurt van het café van Verweij op zijn klompen op het ijs. Zag hij iemand aan de Beuningse kant, bij de witte poort van Doddendael het ijs opkomen, dan ging hij er zo snel mogelijk klossend op zijn klompen naartoe om toch het kwartje entree aan de zwartrijder te vragen.”

Binnendijks konden schaatsers op de kolk ‘Geurts-Jan-Waaij’ schaatsen (in de volksmond de Gers-Jan-Verwaaij genoemd). “In de winter was daar vaak veel weiland ondergelopen”, vertelt Geer. “Dat was fijn, want het water op de weilanden bevroor eerder dan het water in de kolk. Bovendien had je daardoor een veel grotere ijsvloer. Ook was het er veiliger dan achteraan op de diepe kolk.” Mien: “Mijn vader ging vaak kijken hoe dik het ijs was. We kregen pas toestemming om te schaatsen als hij het ijs goedgekeurd had.”

Nellie Janssen-Van Haalen en Toon Janssen schaatsen op het gat van Jan Verweij. Nellie: “We mochten vanwege het geloof niet uitsluitend in lange broek schaatsen, er moest een rok overheen.”(Foto: Collectie Nellie Janssen-van Haalen)
2017-02- Nellie-Janssen-van Haalen-schaatsen

“Op de ijsbaan was het vaak heel sfeervol”, weet Mien nog. “’s Avonds stonden er op lange palen lampen. In de weekenden en bij wedstrijden was er meestal muziek. Daar zorgde Wim Grisel voor.” Geer: “Er was ook een tent met koek en zopie. Daar kon je bijvoorbeeld erwtensoep kopen en chocolademelk.” Mien: “Iemand van de ijsclub zag dat wij goed konden schoonrijden en vroeg ons mee te doen met de wedstrijd voor paren. Dat was in 1956. Ik was toen 17 en Geer 20.” Ach paren deden aan die wedstrijd mee. “Op de dag van de wedstrijd probeerden we ons zo goed mogelijk te presenteren en mooie lange lijnen te maken, want de jury had ons gezegd dat dat belangrijk was voor de boordeling”, vertelt Mien. “We hebben het goed gedaan, want we werden tweede. De prijsuitreiking vond plaats in het café van Verweij.”

Mien bleef aan kunstrijdwedstrijden meedoen. “Ik genoot van het zwieren en het omspringen. Dat omspringen was best wel moeilijk. Je moest je op het goede moment afzetten en je moest ook achteruit rijden. Vaak schaatste ik met een vriendin. Ik moest als heer schaatsen. Ik schaatste ook vaak met Piet de Sonnaville, een heel goede schaatser.

Piet zat bij wedstrijden vaak in de jury. Hij stelde ook bepaalde figuren verplicht. Er werd erg op gelet of je met je partner alles gelijktijdig deed. Ik heb ook veel geleerd van meester Van Thiel. Hij kon heel mooie achten maken, heel veel achter elkaar. De kunst was dan om alle achten even groot te houden en het spoor te volgen dat je bij de vorige achten gemaakt had. Van Thiel kon zelfs pirouettes maken, waarbij hij steeds op dezelfde plaats bleef. Dat is mij nooit goed gelukt.”

Piet de Sonnaville maakt hier een zg. schuitje. Je ging daarbij door de knieën, deed je armen naar voren en reed op één schaats. Wie dit figuur beheerste, hoorde bij de betere schaatsers. (Foto: Collectie de Sonnaville)

“Als het ging dooien, speelden we vaak voordat het ijs helemaal gesmolten was nog ijshockey”, zegt Geer. “Het water stond dan meestal op het ijs, maar dat mocht niet deren. Het was ook niet gevaarlijk, want we deden dit op ondergelopen weiland. Het was altijd een mooie afsluiting van de tijd dat er geschaatst kon worden.”

Geer Lamers en Mien Adriaansen-Van Rossum aan de zwier. Zij deden mee aan een wedstrijd shoonrijden bij ijsclub Beatrix. (Foto: Collectie Arno Spin)

2017-02-nijeweg-Schaatsen-Mien-en-Geer_volledig

Stg. Historisch Besef Beuningen
is opgericht in 1998. Zij houdt zich bezig met het tot leven brengen van de geschiedenis van de dorpen Beuningen, Ewijk, Weurt en Winssen. Zij heeft een aantal boekwerken vervaardigd zoals ‘van Oeverwal tot Klavervier’, ‘Za’k oe’s vertelle’ en een leergang voor de hoogste groep van de basisschool: ‘Hoe het vroeger was’. Het laatste boek ‘de Nije Weg’ deel 1 is in november 2016 uitgebracht. In april is de verkoop van deel 2 gestart. Hoofdverkooppunt is WITO Bruna in Beuningen. Het boek is tevens verkrijgbaar bij COOP in Weurt, De Stofwolk in Ewijk en bij Jumbo in Winssen.

De Nije Weg deel 2 heeft dezelfde titel en gaat over dezelfde periode 1930 – 1960. Bij de opzet van deel 2 werd gebruik gemakt van dezelfde verhalen van de reeds eerder geïnterviewden maar bevat nieuwe hoofdstukken:
• Elke dag een veilingske (boerenleven)
• Zware arbeid voor weinig geld (fabrieksarbeid)
• Barstend vol bedrijvigheid (middenstand)
• Van paardenkar tot automobiel (verkeer en vervoer)
• Verduisterde jaren (Duitse bezetting)
• Bevrijd in de frontlinie (de bevrijding)
• Indië, ik wist niet eens waar het lag (Indiëgangers)

Vind je het leuk om Beuningen Magazine te lezen? Volg ons dan op Facebook of abonneer je op onze nieuwsbrief!

5/8

Welkom en veel succes in Beuningen

Nieuw in de gemeente Beuningen of al jaren een begrip maar op een nieuwe locatie, allen goede zaken toegewenst!

2017-02-simply-me-920x536

Simply Me

Simply Me total beauty concept opent zaterdag 20 mei de nieuwe locatie aan het Julianaplein. Bij Simply Me kunt u terecht voor schoonheidsbehandelingen, manicure, pedicure, permanente make-up, wimperextensions en tandenbleken.

Simply Me total beauty concept
Julianaplein 176, Beuningen
Facebook: @simplymebeuningen
Website: www.simplyme.nl

SAS supermarkt

2017-02-sas-superkt-920x375

Na overname, totaal vernieuwde inrichting en nieuwe naam Sas supermarkt, opende de nieuwe eigenaar in april de deuren. Bekijk hier SAS Supermarkt alvast in 360 graden maar u bent van harte welkom in de winkel met een breed assortiment aan Oosterse producten.

SAS Supermarkt
Thorbeckeplein 44, Beuningen
Facebook @sassupermarkt

Beuningse Schaar

2017-02-beuningse-schaar-920x620

De Beuningse Schaar is het tweede filiaal van dezelfde eigenaar in Beuningen. U kunt hier terecht voor kledingreparatie en stomerijservice. Nieuw is de mogelijkheid om gordijnen vanaf staal uit te kiezen. Deze worden eventueel ingemeten en gemaakt. In het andere filiaal, De Tovenaars Schaar, kunt u ook nog steeds terecht voor kledingreparatie en stomerijservice. Daar komt binnenkort een assortiment aan fournituren bij.

Beuningse Schaar
Julianaplein 132, Beuningen
Facebook: @ Beuningse-schaar

Robbert De Echte Bakker

2017-02-robbert-de-echte-bakker-920x360-2

Robbert De Echte Bakker in Beuningen breidt uit. Het gedeelte waaruit ‘Elke dag lekker…’ onlangs verhuisd is, wordt een lunchroom.

Robbert De Echte Bakker
Mauritsplein 5a, Beuningen
Facebook: @Robbert-de-echte-bakker

6/8

Facebook

Ken jij de Facebookpagina van Beuningen Magazine al? Het aantal ‘Vind ik leuks’ groeit en elke editie zetten we een liker in de schijnwerpers. Dit keer stellen we aan je voor Jolanda Gielens (49), getrouwd, moeder van twee kinderen van 13 en 15 jaar.

Profiel: Jolanda Gielens

Ik ben geboren in Nijmegen en tot mijn zesde woonde ik op het binnenvaartschip van mijn ouders, samen met mijn moeder volgde ik als alternatief op een kleuterschool “kleuteronderwijs aan boord” (taken/werkzaamheden die per post werden geleverd en teruggestuurd voor leerplichtige kleuters van schippersafkomst).

Van mijn zesde tot mijn zestiende woonde ik doordeweeks in een schippersinternaat bij de Goffert in Nijmegen. De basisschool was ook op dezelfde locatie. Net als de sport- en muzieklessen die daar plaatsvonden. Mijn vriendinnen waren hierdoor ook van schippersafkomst. Doordat ik de weekenden en schoolvakanties doorbracht op het schip was het niet mogelijk om aan een competitiesport te doen dus zat ik op ballet, later jazzballet en volgde ik orgelles.

“Verhuizing naar Beuningen”

Op de middelbare school leerde ik ook vriendinnen kennen die niet van schippersafkomst waren. Na mijn zestiende heb ik nog een jaar in Dukenburg gewoond, ik deelde hier een huis onder begeleiding van internaat met drie meiden als voorbereiding op het zelfstandig wonen. Ondertussen hadden mijn ouders een huis in Nijmegen gekocht en hier woonde tot ik in mei 1990 verhuisde naar Beuningen. Inmiddels woon ik hier al bijna 27 jaar met veel plezier!

“Vakanties aan het water”

Mijn droom is altijd nog eens een huis met een tuin aan het water te kopen want ik ben en blijf een schippersdochter die opgegroeid is op het water! Inmiddels heb ik mijn man en kinderen ook overtuigd hoe relaxed het is aan het water. Onze vakanties brengen wij ook altijd door op campings aan een Italiaans meer. Als het mooi weer is zijn we ieder vrij uur te vinden bij mijn ouders (sinds 5 jaar hebben zij geen schip meer maar een jachtje) in Maasbommel om met elkaar te genieten van het mooie weer.

Wat ik like/deel op Facebook?
Dit is werkelijk van alles: foto’s van mijn hobby’s zoals zelfgemaakte taarten, kleding, sjaals en woonaccessoires. De leuke activiteiten die ik doe. Familie en vrienden die hun eigen bedrijf promoten. Winacties (die mij wel eens een leuke prijs hebben opgeleverd!). Ik zit sinds 2011 op Facebook. Het is voor mij een soort online reünie van mensen die je hebt ontmoet op vakanties, oud collega’s, oude klasgenoten etc. Ik vind het leuk om die mensen te volgen en zo nu en dan eens een leuk berichtje bij hun te plaatsen. Hierdoor heb ik bijvoorbeeld weer contact met een vroegere vriendin, we hadden elkaar circa 30 jaar niet meer gezien. Beuningen Magazine volg ik om op de hoogte te blijven van de lokale activiteiten.

7/8

Voel jij aan wanneer een jongere ergens mee zit?

Deze maand vertelt Dennis Vereijken over zijn rol als Community Manager bij Social Brokers (luisterend oor voor jongeren) en over het vormen van lokale teams. Op de foto is hij in Beuningen om Social Brokers te ontmoeten en te bedanken.

Dennis: “Na mijn HBO opleiding communicatie kwam ik het project van Social Brokers tegen en dat sprak me aan omdat het heel maatschappelijk is en benadrukt dat het helpen van jongeren juist in de kleine dingen zit. Dus niet zozeer dat alleen professionele hulp heel belangrijk is, natuurlijk is dat wel op sommige gebieden zo, maar dat juist ook in informele netwerken enorm veel gebeurt.”

“Daar herkende ik mezelf heel erg in. Ik heb in een supermarkt gewerkt en had de leiding over een groenteafdeling. Twee jongens waar ik mee werkte hadden moeite om mensen in de ogen te kijken en een gesprekje aan te knopen. Toen was ik buiten het werk om ook met het coachen bezig en liet ik ze kleine dingen doen. Ik gaf ze een appeltje en vroeg ze om de winkel in te gaan en iemand het appeltje te geven en een gesprek aan te gaan. Puur omdat ik ook vind dat het in werk enorm helpt en ten tweede helpt het ook in je privé verder. In je contacten op school of met solliciteren of wat dan ook, dan is het wel gemakkelijk als je iemand in de ogen aan kunt kijken en een gesprek kunt voeren.”

“Na het afronden van mijn opleiding kwam ik dus Social Brokers tegen en bemerkte dat dat heel erg aansloot op hoe ik zelf in het leven sta. Het leek mij een hele mooie kans om, hoe ik tegen het leven aankijk, ook breder uit te dragen en een impuls te geven aan het vangnet rondom jongeren.”

Je bent pas 27, dan stond je er best jong voor open om het soort signalen op te pikken in je werk.
“Iedereen heeft wel eens een jongere geholpen en is in dat geval een Social Brokers. De een is zich daar heel bewust van en de ander is zich daar niet bewust van en vind het heel vanzelfsprekend. Als een moeder het kind even aanhoort en aanvoelt dat het kind even zijn / haar hart moet luchten, dan is de moeder het zich bewust dat het even nodig is maar staat er niet bij stil dat dat onder de noemer Social Brokers valt. Bijvoorbeeld conciërges of de vrijwilligers bij sportclubs die hebben een band met de jongeren en de jongeren hebben geen zin om met de ouders of mentor of docenten willen praten maar wel met de conciërge een klik hebben.

Wat is de meerwaarde van de organisatie Social Brokers?
“Het bewust maken van de mensen door verschillende acties. Als je de mensen zich ervan bewust maakt, dan gaan ze herkennen en erkennen dat ze belangrijk zijn voor de jeugd. Dan gaan ze elkaar versterken zodat jongeren uiteindelijk met allerlei kleine problemen bij de Social Brokers terecht kunnen. En zo kunnen we voor die jongeren de kleine problemen klein houden of oplossen en dat die niet onnodig groot worden waardoor ze in de jeugdzorg terecht komen.”

Je zegt dat de Social Brokers elkaar kunnen versterken maar jullie organiseren ze niet.
“Dat klopt, dat hebben we wel geprobeerd. Zowel online als offline. Zo’n twee jaar terug probeerden we borrels te organiseren. Mensen moesten zich daarvoor aanmelden. We werkten eerst met een online platform een soort forum waar men opmerkingen konden plaatsen. Maar mensen hebben er op een gegeven moment geen zin meer in omdat ze eerst moesten inloggen. In het begin leefde het heel erg maar dat werd toch minder en wij zaten nog heel erg op het aanmelden. We hadden daardoor wel van een paar honderd Social Brokers de e-mailadressen. We hebben twee keer geprobeerd om via mail de mensen te benaderen om bij elkaar te komen. Stel dat we zo’n honderd mensen uitnodigden, dan kregen we twee aanmeldingen. Mensen moesten op een vrije avond ergens naartoe komen en alhoewel ze het heel leuk vinden, als het ze extra moeite gaat kosten om dat contact te onderhouden, dan zeggen ze af. Als je iemand bijvoorbeeld hier in Beuningen spreekt, en je hebt het gevoel dat die het wel interessant vindt en bereid is om iets meer te doen, dan moet je dat moment ook benutten. Dat is zinvoller gebleken dan via een online platform of het organiseren van bijeenkomsten.”

Wat vraag je ze dan om meer te doen?
“We zijn bezig om vrijwilligersteams op te zetten. Dus in Beuningen willen we een team van vijf personen.”
Maar is dat nodig? We hebben in de gemeente al diverse plekken waar jongeren kunnen komen en daar wordt wel enigszins gebruik van gemaakt. Is het dan nodig om daarnaast nog weer een groep vrijwilligers voor jongeren te gaan organiseren? Wat zal dat anders zijn dan al het andere.
“Je moet het zo zien dat wij met Social Brokers proberen de structuur rondom de jongeren te versterken. Het begint bij henzelf en dan heb je de professionals zoals stichting Perspectief die goed werk doen maar daarmee bereiken ze lang niet alle jongeren.”

Ja, maar jullie zijn uiteindelijk óók een organisatie. Waarom zouden jullie wél de jongeren bereiken?
“We zijn niet de usual prospects. We zoeken mensen die nu al klaar staan voor jongeren. Ik sprak een jongen die heel veel gehad heeft aan iemand bij zijn voetbalclub. Nou die persoon zoeken we op om hem bewust te maken dat wat hij doet belangrijk is. Dat is het verschil tussen professionals zoals St. Perspectief en jongerencentra en ons. We zoeken iedereen die we in de verhalen tegenkomen op omdat we overtuigd zijn dat iedereen wel eens een jongere heeft geholpen.”

En willen jullie die personen dan opzoeken om ze bewust te maken zodat ze meer jongeren kunnen helpen?
“Nee, niet zozeer meer want dan heb je een maatjesproject. Pietje heeft problemen op school met rekenen en Henk is daar heel goed in. Dan worden ze aan elkaar gekoppeld. Bij Social Brokers zeggen we Pietje heeft in zijn netwerk al mensen waar hij goed mee kan opschieten. Laten we die mensen opzoeken en bewust maken zodat ze vaker voor Pietje klaarstaan. We willen een Social Brokers dus niet aan meerdere jongeren koppelen maar we willen ze bewust maken van hoe goed werk ze nu al doen en dat ze vooral zo door moeten gaan. We willen een stimulans geven aan het natuurlijk netwerk.”

Het is dus niet de bedoeling dat je ze zegt dat ze het goed doen en om er dan ook bij te vertellen hoe het beter kan.
“Inderdaad, dat is niet de bedoeling. Dat is het mooie van het principe. Een vrijwilliger zei eens:
‘Een leek heeft een andere zienswijze dan een professional maar de zienswijze van een professional hoeft niet persé beter te zijn dan die van een leek.’”

“Wij vinden het niet nodig om de mensen bewust te maken en te trainen maar we willen ze vooral zeggen zo door te gaan. Vertellen dat het heeft waarde wat je doet en kom je een vraag tegen wat heftig is of je pet te boven gaat, kom dan naar de organisatie van Social Brokers. Die zorgen dan dat de vraag direct bij de juiste professional terecht komt zodat de jongere er niet mee blijft zitten.”

“Het is hard nodig wat de professionals doen maar doordat de gemeenten sinds 2015 verantwoordelijk zijn voor de jeugdzorg en dit moeten inkopen en de toegepaste bezuinigingen, gaat het bij de ene gemeente beter dan bij de andere. Voordat een jongere bij een professional terecht komt, in dat preventieve veld, dan gaat een jongere helemaal niet uit zichzelf naar een professional toe, die gaan dan naar iemand die ze vertrouwen. Ouders, vrienden, sportcoaches en dergelijke. Tachtig procent gaat helemaal niet naar professionals en we willen zorgen dat het met die 80% goed blijft gaan door de Social Broker te bedanken en te stimuleren. Stel een Social Broker is in gesprek met een jongere en hij krijgt een vraag of signaleert iets waarvan hij niet weet hoe dat aan te pakken. Door dat bij ons te melden, daar wordt anoniem mee omgegaan, spelen wij dat door naar een professional en zorgen we voor terugkoppeling naar de Social Broker. De jongere is vroegtijdig en laagdrempelig geholpen en komt waarschijnlijk niet in een zwaar traject.”

“We merken dat jongeren een relatief hoge drempel ervaren als ze het initiatief moet nemen om naar een organisatie te gaan om met een jongerenwerker of professional te praten. Ten eerste vinden ze het niet cool ze gaan niet zeggen dat ze niet kunnen komen voetballen omdat ze naar de jongerenwerker of psycholoog of zo moeten. En ten tweede weten ze het vaak niet te vinden.”

De media is heel erg veranderd de laatste paar jaren. Instanties zouden jongeren veel meer kunnen bereiken via social media maar je ziet dat likes en volgers van dat soort pagina’s heel erg achter blijven. Wat is jullie aanpak en ervaring?
“Ik kom iedere week in de verschillende gemeenten langs en diegenen die ik spreek, vraag ik de Facebookpagina te liken en dan zeggen ze ja, doe ik wel maar vervolgens hoor je er niets meer van. Daarom is onze aanpak erop gericht om personen die veel contacten hebben of goed bekend zijn in de gemeente, te vragen in wie ze een Social Broker herkennen. Die zoeken we op en door langs heel veel mensen te gaan proberen we ‘het woord’ te verspreiden.”

Hoe zit het dan nog met de lokale teams?
Deze zijn belangrijk want als je een team van vijf personen hebt met ieder hun eigen netwerk, dan heb je een groter bereik dan wanneer ik als buitenstaander er alleen mee bezig ben. Aan het vormen van lokale teams gaan dus de komende periode veel tijd aan besteden. We moeten mensen gaan werven die het leuk vinden om één tot vier per week een activiteit te doen of mee te helpen. De activiteiten zijn onderverdeeld in vijf teamrollen.

1. De Manager die overzicht houdt, de planning maakt en zorgt dat de juiste activiteiten worden gedaan.
2. De Assistent Manager die zorgt dat de juiste locaties en mensen worden geregeld. Die nodigt voor bepaalde activiteiten bijvoorbeeld ambtenaren en ambassadeurs uit.
3. De Inspirator gaat vooral de straat op om de mensen te spreken en trekt deze naar de activiteiten.
4. Een Auteur die het leuk vindt om te schrijven. Die neemt interviews af, werkt deze uit en schrijft korte stukken.
5. Tot slot de Producent die voornamelijk bezig is met foto’s, video’s en het bewerken ervan.

“Als we die vijf lokale personen in een team hebben dan besteden ze samen vijf tot twintig uur per week aan het uitvoeren van activiteiten. Wij zorgen voor coaching en trainen de mensen tot het niveau wat nodig is. Als we dat voor elkaar kunnen krijgen dan kunnen we vanaf kwartaal drie flinke stappen gaan maken met betrekking tot activiteiten. We zijn net begonnen om met video’s oproepen te doen om aan te sluiten bij het team. We maken binnenkort nog video’s waarbij we gericht op de rollen ingaan.”

Het is lastig uitleggen dat ik geen jongerenwerker ben maar dat ik bezig ben met het geven van een impuls en mensen bewust maak over hoe belangrijk ze zijn. Dat doe ik bij ouderen en jongeren, leeftijd maakt niet uit.

Vind je het leuk om Beuningen Magazine te lezen? Volg ons dan op Facebook of abonneer je op onze nieuwsbrief!

6/6